Deze site gebruikt cookies als je geregstreerde gebruiker bent en inlogt

Inloggen

 

Matheus Roelands Adriana Meeuwsen trouwfotoDe grootmoeder van Interstruif was Adriana Maria Meeusen, haar waarschijnlijke roepnaam was Jana. Ze stierf al in 1953 na een moeilijk ziekbed (zijn er eigenlijk gemakkelijke?). Ze werd geboren op 24 nov 1894 in Alphen op Boshoven,  A 252 later 251, 274 en 280, inschrijving in het bevolkingsregister gebeurde op 26 november 1894 . De geboorte was volgens de akte om 3 uur in de morgen. De aangifte gebeurde door de vader, met als getuigen Peter van den Broek (winkelier) en Hubertus Steevens (veldwachter). De getuigen werden in de buurt van het gemeentehuis gevonden ongetwijfeld en hadden geen band met de familie. In 1923 trouwde zij met Matheus Cornelis Roelands., het koppel staat hier op hun trouwfoto.  Ze vestigden zich op Boshoven A 297( later A321). Er werd een inschrijving in de burgelijk stand gevonden van het koppel op 14 augustus 1923, ze kregen een ander adres. Ze waren al getrouwd in het voorjaar, 9 mei 1923. In 1910 is er een inschrijving van haar vader Joannes Baptist Meeusen en echtgenote Maria Elisabeth Hoefmans op het adres Boshoven A 280(doorgehaald)-297 met hun kinderen.

De Jongste zoon van Johannes Baptist Meeusen,  Johannes Jacobus ging naar het klooster in 1915 in Huijbergen voor een religieuze opleiding, later was hij Benedictijnse pater in de Paulusabdij in Oosterhout,waar hij in 1973 overleed. Hij werd daar begraven op het kloosterkerkhof en zonder kist, zoals bij de orde gebruikelijk was. De oudste dochter Maria Elisabeth ging ook in het klooster, zij vertrok op 30 augustus 1917 naar Etten-Leur en trad in bij de Franciskanessen. Zo had de familie een "tante nonneke" Zij overleed daar op 26 april 1957.

Jan Baptist Meeusen stierf in 1927 op 70-jarige leeftijd, op 27 januari. Het overlijden weerd aangegven door de buren Josephus Petrus de Laat (33 jr) en Johannus Cornelis Verschueren (65 jr).  Het huis van overlijden was A 321, Boshoven. Zijn vrouw Maria Elisabeth Hoefmans stierf een jaar later op 21 december 1928. Zij overleed in hetzelfde huis en ook de aangevende buren waren dezelfde. De vader van Interstruif, hun kleinzoon Sjef Roelands was toen net geboren. De geboorte van Jan Baptist Meeusen werd aangegeven in 1856 door zijn vader Cornelis, de geboorte vond volgend de akte plaats in wijk A 194.  Getuigen waren Adriaan Peijmans (Kuiper) en Jan Hendriks (broodbakker), de 'getuigen' werden vlakbij het gemeentehuis gevonden, zoals vaak het geval was.. Twee jaar ervoor was een kind met exact dezelfde naam Jan-Baptist aangegven, dat al snel overleed. Het was gebruikelijk dat men probeerde de mannelijke familienaam door te geven in volgende generaties. Helaas is die traditie nu wat verloren gegaan, want het maakte genealogisch onderzoek wat gemakkelijker.

Van de ouders van Jan Baptist Meeusen, Cornelis Meeusen en Anna Maria van Eeten, vond ik een inschrijving op het adres Boshoven A 278 later 266 en nog later 282. Dit register loopt van 1860-1890. Het zou kunnen gaan om het huidige huisnummer 7, van na de omnummering van 1952. Een vroeger register 1850-1859 vermeld Jan Baptist Meeusen in de voormalige wijk D, op dat moment A, Boshoven, met de ouders. De vader van Jan Baptist was gboren in Riel, zie verder. Opvallend is dat ze een dienstmeid Geerts hebben en ook Prinsen, die ook op Boshoven voorkwamen rond 1820... deze juffrouw Prinsen kwam echter uit Goirle. Misschien was het verre familie.

Ik vond een inschrijving in 1890 in het bevolkingsregister op het adres Boshoven A 263, van de moeder (Anna Maria van Eeten) met enkele kinderen, ze was toen weduwe. Op 1892 is er een inschrijving van de familie Meeusen op het adres Boshoven A252 (later 274 en 280) . Er word nogal gegoocheld met de huisnummers, doordat er telkens nieuwe nummers moesten komen als er huizen bijkwamen, zonder dat men altijd echt verhuisde...

De grootvader Henricus Meeusen van Jan Baptist Meeusen is gevonden op Brakel in Riel (wijk B) in 1826-1830 in het bevolkingsregister, in huis 55 daar werden ook diens kinderen, waaronder Cornelius, vader van Jan Baptist Meeusen in geschreven... Henricus, echter, was niet in Riel, maar in Alphen geboren, op de Druisdijk vlakbij Brakel.  De vrouw van Henricus vas Adriana Schellekens, was wel in Riel geboren. Volgens het kadaster van 1811-1832  bezat Henricus (Hendrik) grond op Brakel in de "Brakelsche Velden" ten noorden van de huidige weg, die toen vermoedelijk nog een zandweg was. Op perceel 297 stond een huis, mogelijk is dat huis 55. We vonden in het kadaster wat afbeeldingen en registers waar Henricus (Hendrik) in voorkomt. Brakel1827b We vonden ook een overzichtsplan in het eerste kadaster van de streek, waar we een deel van laten zien. Vooral de regio Alphen-Oosterwijk en Brakel interesseert ons, want daar woonden de voorouders.

druisdijk1827brOp de Druisdijk (Alphensche Dijk) woonden bij de opmaak van het kadaster in 1827 Jan en Theodorus, broers van Henricus, in sectie B op perceel 441, mogelijk het ouderlijk huis. Hun tante Anna, weduwe van Phillipus Meeusen werd ook in het register van het kadaster gevonden op  de "Alphensche dijk" nu bekend als druisdijk. Een stuk register is hierbij afgebeeld, onderaan na de kaarten. Het is dus waarschijnlijk dat de vader van zowel Phillipus als Cornelis ook een tijd op de Druisdijk heeft gewoond. Henricus was een zoon van Cornelis Meeusen en  Gertruda van Mog. Haar familie zou uit Eersel stammen. 89cf5fe9 c010 c310 2003 114325aaab2aVader Johannes Meeusen zijn achternaam werd in het doopboek van de Willibrordusparochie in Alphen verkeerdelijk als "Mevisse" genoteerd. Dat was de reden dat het onderzoek een hele tijd vast gelopen was. Bij de andere kinderen in dit gezin, zonen Philippus en Johannes werden de achternamen ook verschillend genoteerd, uit de namen van de ouders is af te leiden dat het wel om hetzelfde gezin gaat. De tekst in het doopboek luidt: "Baptizatus est fillius legitimus: Joannis Mevisse et Anna Cornelisse ... Adrijanus Buijs et Peternella mon Mevisse Cornelius".

In de administratie van de schepenbank van Alphen (en Chaam) werden een aantal interesante teksten gevonden over de  Meeusen in de periode 1780-1800, het gaat om regling van de erfenissen:

Inv.nr.86, folio 185r, 11.12.1781

Compareerde Cornelis Meeuwisse voor 1,5 vijfde part, in de eerste parthij, Philip Meeuwisse voor 1,5 vijfde part, als aengekocht met de eerste partij beijde van hunnen broeder Jan Meeuwisse in de tweede parthij. Adriaen Meeuwisse in de derde parthij en laastelijk Gerard Meeuwisse in de vierde en laaste parthij

Er waren in deze erfenis  5  delen te verdelen waarbij  Cornelis en Philip  telkens ook de helft van het deel van hun broer Johannes (Jan) toegewezen kregen.

1e cavel

Cornelis Meeuwisse met den eerste cavel bevallen en geerfdeelt en zal in eijgendom genieten,

- eerstelijk een huijsinge, schuur, stal en aanstede, bestaande in land wijde en heijde, groot 4 buijnder

- item een parceel land genaamt "den Rutelberg", gelegen als voor, 1 buijnder

- item een parceel land genaamt "de Leenberg", groot 100 roeden

- en nog meerdere parceelen

Cornelis kreeg uit de erfenis  (van vader Joannes(?))  een perceel van 4 bunder met daarop een huis, schuur en stal. Verder nog een perceel van 1 bunder "Den Rutelberg" (aan de "zandbult?") en een stukje van 100 roeden "De leenberg" en meerdere niet omschreven percelen.... Over de gebruikte  oppervlaktematen, die verschilden van streek tot streek. De Bredase roede die waarschijnlijk ook in de streek van Alphen gebruikt werd is 32,26 m². Er waren 400 roeden in een bunder, die dus 12.904 m² was, meer dan een hecare nu. De naam bunder werd later synoniem voor hectare 10.000 m². 

2e cavel

Philip Meeuwisse met den 2e cavel bevallen en geerfdeelt en zal in eijgendom genieten

- eerstelijk een huijsinge, brouwerije, schuur, stal, hof en aanstede, bestaande in 't Vinkenslag, Nieuwvelt en 't Hijveldeken, groot 2 buijnder

- item een parceel land en wijde, groot 600 roeden

- item een parceel land genaamt "de Lannge Bedde", groot 150 roeden

- en nog meerdere parceelen

Broer Philip kreeg ook een stuk land met een huis schuur en stal en zelfs een brouwerij(tje). Volgens de omschrijving in totaal 2 bunder groot.  Verder verwierf hij nog een perceel  (akker-)land en weide van 600 roeden  (19.356  m²), naast het prceel "de lange bedde" nog enkele minder goed omschreven landerijen.

3e cavel

Adriaen Meeuwisse zal uijt den voors. boedel genieten 900 gulden

4e cavel

Gerard Meeuwisse is met den 4e cavel bevallen en geerfdeelt en zal in eijgendom genieten

- eerstelijk een hijvelt, gelegen onder Vijfhuijsen, groot 3 buijnder

- item nog tot egalisatie alle de beijen en gereetschappen daer toe nodig

etc

Inv.nr.86, folio 189r, 12.12.1781

Compareerde Jan Meeuwisse, soldaat in 't regiment van zijne doorluchtige hoogheijt Orange Gelderland, welcke bekende en verclaarde het coopcontract van 14 augustus 1778 alnu bij deesen wettelijk op te dragen, over te geven, te cedeeren en te transporteeren aan den coopers Cornelis en Philip Meeuwisse broeders van den transportant een geregt vijfde part in de twee steede huijsinge, schuur, hovinge, landerijen, driesen, wijde en heijde, beijde gestaan en gelegen alhier onder Alphen op den Dijk, hem transportant wijlen zijnen overledenen vader Jan Meeuwisse en zijne moeder Anna Geerts egte lieden is aanbestorven en in gemeenschap met zijnen broeders heeft beseeten,

Zijnde de voors. goederen belast met 1 gulden en 8 penningen chijns tot Breda, 10 stuijvers en 8 penningen chijns aan 't Hof ter Braque, 2 stuijver aan den Armen van Alphen, en 3 duijten aan Sint Marten Capel tot Alphen, voorts vrij en allodiaal

Hier is de beschrijving van de overdracht van het erfdeel van Johannes aan zijn broers Cornelis en Philip. De verdeling van de erfenis zelf is in heen voorgaand stuk hierboven beschreven. De bezittingen waren belast met een afdracht van 1 gulden en 8 penningen aan de heer van Breda (Nassau), 10 stuivers en 8 penningen aan het Hof ter Brake (Prinsenhoef), 2 stuiver aan de Armen van Alphen (een soort van sociale zekerheidsfonds) en nog 3 duiten aan de Kapel van Sint-Martinus, deze lag vlakbij hun ouderlijke woning  (voor onderhoud en bediening).

Inv.nr.86, folio 190v, 12.2.1800

Compareerde voor schepenen in Alphen, Geertruda van Mog weduwe en testamentair erfgenaam van Cornelis Meeuwisse, item Joanna Geerts huijsvrouw van Gerard Meeuwisse, item Peeter Meeuwisse soone van wijlen Adriaen Meeuwisse woonagtich te Chaam, allen erfgenamen wijlen Jan Meeuwisse dewelke bij deesen bekenden en verclaarden dat Philip Meeuwisse broeder van voorn. Joannes Meeuwisse, aan hun ten genoege heeft voldaan en betaald, de somme van 300 guldens etc.

In het bovenstaande wordt de afwikkeling van de erfenis van  Johannes, de soldaat die hierbovn zijn deel ovrdroeg, beschreven. Broer Philip koopt de overig erfgnamen af voor 300 gulden.

 

Hier loopt het genealogisch onderzoek vast naar de verdere historie van de Meeusen-familie. Dat is verklaarbaar als Johannes uit Gilze zou zijn gekomen. Daar zijn immers de parochieregisters in 1762 verloren gegaan bij een brand in de schuurkerk. Daarbij gingen ook nog diverse huizen in de vlammen op, waaronder de pastorie, waar de boeken gelegen zouden hebben. . De brandstichter zou een zekere Schellekens geweest zijn, een dakdekker die een werk niet gegund kreeg.

 Er is een genealogie van een familie Meeusen die mogelijk verwant is opgedoken. Hiervan is de stamvader "Bartholomeus" Sijmons ook wel "Mees" genoemd geboren in Gilze, minstens een van zijn afstammelingen, een johannes, kwam op de "Driesdijk" terecht, de huidige Druisdijk. Deze Joannes was gedoopt op 25-4-1741 in Gilze. Hij kan familie zijn, maar gezien de geboortedatum van Cornelis Meeusen (19-3-1739) kan het hooguit om een neef gaan. Bartholomeeus Sijmonszoon was geboren omstreeks 1640 en overleed na 15-08-1719, volgens de gemaallijst, want een doopboek is er niet meer. Er kunnen natuurlijk ook meerdere Bartholomeus-en geweest zijn als het patoniem steeds werd doorgegeven. Sommige voornamen zijn ook populair in een bepaalde streek en tijd en er zijn dan ook meer individuen met dezelfde naam, waardoor er bijnamen nodig zijn om ze te kunnen onderscheiden.