Inloggen

Artikelindex

Vervolg loopbaan soldaat Boeren

Op 1 april 1913 Werd de jonge dienstplichtige soldaat Vic Boeren overgeplaatst naar het 17e regiment infanterie, dat werd afgesplitst van het 6e regiment. Zowat alle regimenten infanterie kregen een afsplitsing die een volgnummer kreeg dat 11 cijfers hoger was. Hij was toen net in zijn 6e jaar van de dienstplicht in de militie. In 1913 moest hij van 5 tot 30 augustus een volgende keer aan herhalingsoefeningen deelnemen en kreeg opnieuw groot verlof daarna. Aanvankelijk was het 17e regiment ook gelegerd in Breda, na de mobilisatie van 1914 werd het verplaatst.

Uittr17regInf1916op 1 augustus 1914 werd Vic gemobiliseerd bij het 17e regiment infanterie. De standplaats is niet helemaal duidelijk. Een keer bleek zelfs na een kort verlof, zijn compagnie vertrokken in Breda. Ze waren volgens wat ik vernam toen naar Delft verplaatst. Soldaat Boeren was niet op de hoogte en reisde ze achterna. Zeker is dat de eenheid in 1915 naar Harderwijk werd overgeplaatst. Vanaf 1 januari 1916 Ging de soldaat over naar het 41e bataljon landweer infanterie. Dit was eigenlijk een reserve-eenheid, maar gezien de mobilisatie was deze toch paraat op dat moment. In juli 1916 was de 4e compagnie van dat bataljon gelegerd ("in garnizoen") te Kruiningen, Zeeland (op Zuid-Beveland). Het 17e regiment infanterie was in juli 1916 zeker nog in Harderwijk gelegerd, gezien het uittrreksel uit de registratie, dat bij de stukken van de krijgsraad werd gevoegd.

 

Helemaal vlekkeloos was zijn militaire loopbaan niet want in op 16 juli 1916 werd hij met een "valschen verlofpas" betrapt en moest voor de krijgsraad komen. De stukken van die krijgsraad geven duidelijkheid over het vergrijp. Soldaat Boeren werd beschuldigd van "zich bedienen van een valschen verlofpas". Op het station van Tilburg bleek bij de contole van de verlofpas (waarschijnlijk ook nodig om te kunnen reizen met de trein op kosten van het leger) de einddatum van het verlof zou veranderd zijn met één dag van 15 juli 1916 naar 16 juli. De reden daarvoor is onduidelijk gebleven tot nu toe. De staf was 2 dagen opsluiting in de gevangenis in 's Hertogenbosch, waar hij op 20 november1916 weer mocht beschikken. Een meer volledige transcriptie van het proces voor de krijgsraad staat verderop.

 Op 29 september 1916 werd hem gewoon verlof verleend, volgens het register, er moest nog wel een straf worden uitgezeten, die in een krijgsraad op 7 oktober 1916 werd uitgesproken. Demobilisatie en "groot verlof" was pas op 1 okober 1919, einde dienstplicht bij de landweer was 31 juli 1920.