Inloggen

Artikelindex

Als militaren de regels overtreden kunnen ze tuchtrechtelijk (volgens de "krijgstucht") of ook strafrechtelijk (volgens aangepast militair strafrecht en ook burgerlijk strafrecht) bestraft worden. Het tuchtrecht wordt toegepast door de eigen leidende officieren, het strafrecht door een (militaire)rechtbank of wel de krijgsraad (die in Nederland in 1991 overging in een militare kamer van de burgerlijke rechtbank). In 1916 bestond de krijgsraad uit een burgerlijke president (beroepsrechter), met een aantal (gepensioneerde) officieren, ook de aanklager (auditeur-militair) was een officier en het schrijfwerk werd door een militare "griffier" gedaan, en lagere officier. Waarschijnlijk hadden een aantal van hen ook een juridische opleiding.

 

Krijgsraad van 7 October 1916.

 

Ten lastelegging:

 

“Op 16 juli 1916 aan het spoorwegstation van Tilburg zich opzettelijk bediend van een valschen verlofpas, door aan de controle der militaire verlofpassen ter controleering te tonen een verlofpas van de volgenden inhoud:

 

N° 18596 A.D. Verlofpas De ondergeteekende, commandant van 4-41 L.W.I. verleent bij deze aan den soldaat Boeren in garnizoen te Kruiningen, 6 dagen verlof naar Baarle-Nassau, ingaande op 9 juli 1916, zijnde alzoo gehouden om op het avondappèl van den 16 juli 1916 bij zijne Compagnie present te zijn, behoudens de verplichting om onverwijld naar zijn garnizoensplaats terug te keeren, wanneer hij kennisgeving ontvangt dat het verlof is ingetrokken. Kruiningen, den 6den juli 1916, de commandant voornoemd w.g. J.R. de Visser; (1e Luitenant)

 

wetende dat de in dien pas oorspronkelijk voorkomenden datum 15 juli valschelijk was verandert in 16 juli, althans in Baarle-Nassau, althans in Nederland, op althans omstreeks 16 juli zijn verlofpas, luidende zooals ze hem was afgegeven

 

N° 18596 A.D. Verlofpas De ondergeteekende, commandant van 4-41 L.W.I. verleent bij deze aan den soldaat Boeren in garnizoen te Kruiningen, 6 dagen verlof naar Baarle-Nassau, ingaande op 9 juli 1916, zijnde alzoo gehouden om op het avondappèl van den 15 juli 1916 wederom bij zijne Compagnie present te zijn, behoudens de verplichting om onverwijld naar zijn garnizoensplaats terug te keeren, wanneer hij kennisgeving ontvangt dat het verlof is ingetrokken. Kruiningen, den 6den juli 1916, de commandant voornoemd w.g. J.R. de Visser;

 

heeft verlengd door den daarin voorkomenden datum 15 juli 1916 te veranderen in 16 juli 1916.

Overwegende, dat de beklaagde heeft opgegeven, dat hij aan het spoorwegstation te Tilburg, zich opzettelijk heeft bedient van de verlofpas, ter processe aanwezigen hem (beklaagde) vertoond en voorgehouden; dat die hem (beklaagde), waarin hij de datum “15 juli” door overschrijving heeft veranderd in “16 juli”; door die pas aan de controle der militaire verlofpassen ter controleering te vertonen; dat de toen ter controleering aangeboden verlofpas dezelfde is, als die ter processe aan hem is vertoond;

resumerende, dat de navolgende personen als getuigen onder eede gehoord, hebben verklaard:

1° Nathan Cohen, oud 21 jaar, Milicien sergeant bij 2-I-5R6, dat hij op 16 juli 1916 aan het spoorwegstation te Tilburg was belast met de controle van verlofpassen; dat beklaagde hem op dien dag de verlofpas aanbood ten name van soldaat Boeren gemerkt N°18596 A.D.; dat hij in de hem vertoonde dezelfde verlofpas dezelfde herkent, als die hem op 16 juli 1916 ter controleering was aangeboden; dat hij direct bemerkte, dat die verlofpas was vervalscht, daar de datum van terugkomst “15 juli” door overschrijving was veranderd in “16 juli”

2° August Stoop, oud 23 jaar, landstormplichtig soldaat, wonende te Rotterdam, dat hij de vertoonde verlofpas, gemerkt N°18596 A.D. persoonlijk heeft opgemaakt voor beklaagde en volgens hem verestrekte opgave als datum in die pas moest invullen: van den 9 tot en met den 15 juli 1916; dat hij achter de woorden “avondappèl van den” in die verlofpas heeft ingevuld “15 juli 1916”,

 

Overwegende, dat de ter processe aanwezige verlofpas inhoud:

N° 18596 A.D. Verlofpas De ondergeteekende, commandant van 4-41 L.W.I. verleent bij deze aan den soldaat Boeren in garnizoen te Kruiningen, 6 dagen verlof naar Baarle-Nassau, ingaande op 9 juli 1916, zijnde alzoo gehouden om op het avondappèl van den 16 juli 1916 bij zijne Compagnie present te zijn, behoudens de verplichting om onverwijld naar zijn garnizoensplaats terug te keeren, wanneer hij kennisgeving ontvangt dat het verlof is ingetrokken. Kruiningen, den 6den juli 1916, de commandant voornoemd w.g. J.K. de Visser;

 

Overwegende, dat door de in onderling verband en samenhang beschouwde aanwijzingen, voortvloeiende uit den inhoud der eigen erkentenissen van beklaagde, de beëedigde verklaringen der getuigen,

 

wettig en overtuigend is bewezen, zoomede beklaagdes schuld daaraan, dat hij op 16 juli 1916 aan het spoorwegstation te Tilburg zich opzettelijk heeft bediend van een valsche verlofpas door aan de controle der militaire verlofpassen aldaar ter controleering te vertonen een verlofpas van den volgende inhoud:

N° 18596 A.D. Verlofpas De ondergeteekende, commandant van 4-41 L.W.I. verleent bij deze aan den soldaat Boeren in garnizoen te Kruiningen, 6 dagen verlof naar Baarle-Nassau, ingaande op 9 juli 1916, zijnde alzoo gehouden om op het avondappèl van den 16 juli 1916 bij zijne Compagnie present te zijn, behoudens de verplichting om onverwijld naar zijn garnizoensplaats terug te keeren, wanneer hij kennisgeving ontvangt dat het verlof is ingetrokken. Kruiningen, den 6den juli 1916, de commandant voornoemd w.g. J.K. de Visser;

wetende, dat de in die pas oorspronkelijke datum 15 juli valschelijk was veranderd in 16 juli,

Gezien de artikelen: 74 Militiewet; 21 Landweerwet; 104 Crimineel Wetboek voor het krijgsvolk te lande; Wetboek van Strafrecht; 9 der wet van 15 april 1896 (§ n° 64); 10,19 der wet van 14 november 179 (§ n° 191);

 

en art, 197 van het Wetboek op de rechtspleging bij de Landmacht;

 

Rechtdoende in Naam der Koningin!

Verklaart wettig en overtuigend bewezen hetgeen hierboven als zodanig is aangenomen zoomede beklaagdes schuld daaraan,

Qualificeert het als: Het als mindere militair zich van een valschen verlofpas bedienen zijn verlofpas verlengen,

 

veroordeelt den beklaagde tot een militaire detentie van twee dagen

 

Aldus gevonnist door den Krijgsraad in het derde Militaire Arrondissement, standplaats ‘s Hertogenbosch, den 7 October 1916

Tegenwoordig de Heeren

 

Mr R. de Menthon Bake Pres. Plv.

Gep, Kol H.B. Moll

Gep, Luit,Kol F.H. Lambert

Gep. Kapt L.C. Grotendorst

Gep. Kapt F.H. Tissot van Patot

1e Luit. Th.G. Donner, secretaris

 

Strafregister4 41LWInf1916Het afschrift van het strafregister van de 4e compagnie 41e bataljon LWInf toont geen voorgaande tuchtrechtelijke feiten, dus eigenlijk was Vic Boeren een brave soldaat geweest!

Op 18 november 1916 melde soldaat Boeren zich voor zijn 2 dagen gevangenis en werd ingeschreven in het register.Gevangenis1916 Een afbeelding uit het gevangenisregister saat hierbij. Deze registratie was de aanleiding voor de speurtocht naar sporen van het militaire verleden van Vic Boeren, mijn grootvader. Op 20 november mocht hij administratief de gevangenis verlaten. Er is een gerucht dat hij de straf niet echt heeft uitgezeten..